Tibet

Beschermd

De AIPA kat werd in 1934 voor de eerste keer gezien op het Tibetaanse Hoogland door de Australiaanse Margaret Lowman die een bezoek bracht aan het Tibetaans gebied. Ze kwam tijdens een wandeling door het gebied een nest van dit ras tegen en deed een verzoek aan de autoriteiten om kittens mee te mogen nemen naar Australië om te proberen het ras voort te kunnen zetten en ze te fokken als huisdieren. Datzelfde jaar is ze opnieuw vertrokken naar het Tibet om een ander nest van AIPA katten te vinden en haar doel te kunnen bereiken om ze te fokken in Australië. De eerst weken ging het echter helemaal niet goed met de kittens en stierven er vier waardoor er maar twee kittens overbleven van het eerste nest. Er moest speciaal eten voor ze klaargemaakt worden en konden ook niet tegen de melk die we normaal gesproken aan een kat kunnen geven. Daarnaast raakte de kittens hun prachtige vacht kwijt omdat ze niet gewend waren binnenshuis te verblijven. Om de vacht weer terug te krijgen werden de kittens naar een stal verplaatst waar de temperatuur een stuk lager lag en wat er voor zorgde dat na verloop van tijd de langharige vacht weer te zien was.

Toen Margaret Lowman terug kwam van haar tweede reis naar het Tibet met nog een aantal kittens van een ander nest  was ze er zeker van dat ze dit prachtige ras in Australië zou kunnen gaan fokken, echter dit lukte haar niet. Om deze reden heeft ze eerst een aantal jaren het AIPA ras bestudeerd en kwam ze erachter dat de kater zelf de poes uitzocht om zijn generatie voort te zetten en deze maatjes voor altijd bij elkaar blijven. Daarnaast kan de AIPA maar eenmaal per jaar drachtig worden wat het dus nog moeilijker maakte om het ras te kunnen fokken. Margaret kreeg het paar jaar later voor elkaar om een aantal van deze katten te kunnen fokken. De AIPA kat is een aanhankelijk, rustig, speels, nieuwsgierig, lief en zelfverzekerd dier maar heeft veel aandacht en verzorging nodig. Dit ras wordt momenteel alleen maar in het Tibet gefokt en het aantal van deze katten is zeer laag waardoor je ze dus zelden of nooit zult zien, tenzij je geld genoeg hebt en gewillig bent om grof geld voor een van deze katten neer te tellen.